Wat is ulnaropathie?
Een ulnaropathie, ook ulnaris neuropathie genoemd, is een storing in de functie van een van de zenuwen van de onderarm: de ulnariszenuw of nervus ulnaris. Die zenuw loopt vanaf de binnenkant van de bovenarm via de binnenkant van de elleboog naar de pink.
Een beknelling van de ulnariszenuw bij de elleboog is volgens een Cochrane-review de op een na meest voorkomende beknelde zenuw, na het carpaletunnelsyndroom in de pols.
Klachten: tintelingen in pink en ringvinger
Bijna alle patiënten klagen volgens de NVN over geen gevoel en tintelingen in de pink en de ringvinger. Daarnaast kun je last hebben van:
- verlies van kracht in de hand,
- verminderde vaardigheid van de hand,
- pijn en krampen in de hand.
De uitval van de zenuw kan licht tot ernstig zijn. Je kunt ook ’s nachts last hebben van de klachten.
Cubitaal tunnel syndroom: de zenuw bekneld bij de elleboog
De ulnariszenuw kan bij de elleboog bekneld zitten. Een beknelling van de ulnariszenuw bij de elleboog wordt ook wel cubitaal tunnel syndroom genoemd.
Vaak wordt er geen oorzaak gevonden. Wel lijken twee dingen volgens de NVN te maken te hebben met ulnaris neuropathie:
- leunen op de elleboog,
- vaak buigen en strekken van de elleboog.
Daarbij kan de zenuw verdrukt of opgerekt worden, wat tot zenuwbeschadiging kan leiden.
Hoe wordt de diagnose gesteld?
De arts stelt de diagnose op basis van je verhaal en een onderzoek van de functies van je hand. Met een zenuwgeleidingsonderzoek (EMG) en soms een zenuwechografie kan de arts kijken of de diagnose klopt.
- Bij een EMG wordt de functie van de zenuwen onderzocht met kleine stroomstootjes. Dat geeft een prikkelend of kloppend gevoel en kan lichte pijnklachten geven.
- Bij een echografie worden met ultrageluidsgolven beelden van de zenuw gemaakt. Zo kijkt de arts of de zenuw verdikt is.
In onze praktijk voor neurofysiologie in Bilbao doen we zenuwgeleidingsonderzoek en EMG bij mensen met tintelingen of krachtverlies in de hand (de consulten zijn in het Spaans).
Adviezen bij lichte klachten
Heb je alleen een doof gevoel, tintelingen en lichte zwakte? Dan krijg je meestal houdingsadviezen en leefregels om druk op en rek van de zenuw te voorkomen, soms ook adviezen voor aanpassingen op het werk. De NVN geeft deze voorbeelden:
- probeer buigen van de elleboog te voorkomen,
- zit niet met je armen over elkaar, maar leg tijdens het zitten je arm op je dij met de handpalm naar boven,
- houd de telefoon in je andere hand,
- gebruik een boekenstandaard als je veel leest,
- leg op het werk een kussen onder je elleboog op het bureau en let op de plaats en hoogte van het toetsenbord,
- slaap met een handdoek om je elleboog gewikkeld, zodat je je elleboog niet kunt buigen,
- leun niet op je elleboog en voorkom overstrekken.
Wanneer is een operatie nodig?
Bij sommige patiënten worden de klachten minder als ze de adviezen volgen. Bij anderen helpt het niet of worden de klachten erger. Is er geen verbetering, dan kan de zenuw volgens de NVN met een operatie worden losgemaakt.
Soms hebben patiënten meteen al veel klachten en wordt de spierzwakte erger. Dan kan de arts ook direct besluiten om te opereren.
Hoe gaat de operatie?
Meestal voert een neurochirurg of plastisch chirurg de operatie uit, meestal poliklinisch en onder plaatselijke verdoving. De operatie duurt ongeveer een half uur.
- De chirurg legt de zenuw vrij door de weefsels die de zenuw beknellen door te snijden. Daarna wordt de wond gehecht en krijg je 24 uur een drukverband.
- Soms kiest de chirurg voor een ander soort operatie: dan wordt de zenuw een klein stukje verplaatst om beschadiging te voorkomen. Dat heet een transpositie.
Herstel na de operatie
Na de operatie mag je je arm bewegen. Zwaar tillen raadt de NVN de eerste dagen af. Over het algemeen kun je je arm na tien dagen normaal gebruiken. Wanneer je weer aan het werk gaat, bepaal je met de bedrijfsarts; je hoeft daarvoor niet op de eerste controle in het ziekenhuis te wachten.
De klachten verdwijnen vaak niet direct. Dat kan een paar maanden tot soms wel een jaar duren. In bijzondere situaties komen de klachten terug nadat ze eerst hersteld waren. Problemen na de operatie komen bijna nooit voor; meestal gaat het dan om een nabloeding of een ontstoken wond.
Waar de bronnen verschillen
Een Cochrane-review (Caliandro e.a., 2025) bundelde 15 gerandomiseerde studies met 970 deelnemers met een ulnaropathie bij de elleboog. De bronnen leggen andere accenten:
- Hoeveel onderzoek is er? De NVN schrijft dat er tot nu toe geen goed wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de beste behandeling. De review vond wel gerandomiseerde studies, maar veel vergelijkingen berustten op één of twee studies en het bewijs had een lage tot matige zekerheid.
- Vrijleggen of verplaatsen? De NVN noemt het vrijleggen van de zenuw en soms een transpositie. In de review was er waarschijnlijk weinig tot geen verschil in verbetering van de functie tussen alleen vrijleggen en vrijleggen met verplaatsen van de zenuw, ook als de zenuw ernstig was aangedaan.
- Kijkoperatie of open? Daarover zegt de NVN niets. De review vond weinig tot geen verschil tussen een endoscopische en een open operatie.
- Adviezen zonder operatie. De NVN begint bij lichte klachten met houdingsadviezen. Volgens één kleine studie in de review kan informatie over te vermijden bewegingen en houdingen bij lichte klachten het ongemak verminderen. Of injecties helpen, is volgens de review onduidelijk.
Het belangrijkste over ulnaropathie
- Bij ulnaropathie werkt de ulnariszenuw (nervus ulnaris) minder goed; die loopt langs de binnenkant van de elleboog naar de pink.
- Typisch zijn een doof gevoel en tintelingen in pink en ringvinger, soms krachtverlies of pijn in de hand.
- De zenuw zit vaak bekneld bij de elleboog (cubitaal tunnel syndroom); leunen en veel buigen lijken mee te spelen.
- De arts bevestigt de diagnose met een zenuwgeleidingsonderzoek (EMG) en soms een echo.
- Bij lichte klachten: druk op en rek van de zenuw voorkomen met houdingsadviezen.
- Helpt dat niet of wordt de zwakte erger, dan kan de zenuw met een operatie worden vrijgelegd.
Vragen over ulnaropathie
De antwoorden zijn algemeen en vervangen geen consult of persoonlijke medische beoordeling.
Wat is de nervus ulnaris?
Een van de zenuwen van de onderarm, ook ulnariszenuw genoemd. Hij loopt vanaf de binnenkant van de bovenarm via de binnenkant van de elleboog naar de pink.
Wat is het cubitaal tunnel syndroom?
Een andere naam voor een beknelling van de ulnariszenuw bij de elleboog. Typisch zijn een doof gevoel en tintelingen in de pink en de ringvinger.
Kun je ook ’s nachts last hebben?
Volgens de NVN kun je ook ’s nachts last hebben van de klachten. Slapen met een handdoek om je elleboog, zodat je hem niet kunt buigen, is een van de adviezen.
Doet het onderzoek pijn?
Bij een EMG wordt de zenuw onderzocht met kleine stroomstootjes. Dat geeft een prikkelend of kloppend gevoel en kan lichte pijnklachten geven. Een echografie van de zenuw maakt beelden met ultrageluid.
Gaat ulnaropathie vanzelf over?
Bij sommige patiënten worden de klachten minder met houdingsadviezen. Bij anderen helpt dat niet of worden de klachten erger; dan kan een operatie volgen.
Hoe lang duurt het herstel na een operatie?
Meestal kun je je arm na tien dagen normaal gebruiken. Het verdwijnen van de klachten kan een paar maanden tot soms wel een jaar duren.
Bronnen
- Nederlandse Vereniging voor Neurologie (NVN) · Ulnaropathie
- Caliandro P, et al. Treatment for ulnar neuropathy at the elbow. Cochrane Database Syst Rev. 2025
Deze gids is bedoeld als informatie en vervangt geen medische beoordeling. Diagnose en behandeling hangen af van je consult en je medische voorgeschiedenis. Bel bij een noodgeval 112.
