Naar de inhoud

Angst MediBilbao Salud

Faalangst bij kinderen: signalen en hulp

Je kind wordt heel gespannen voor een toets, durft niets nieuws te proberen of zegt steeds ‘het gaat me nooit lukken’. Een beetje faalangst is normaal en kan zelfs helpen, maar als je kind erg bang is om iets fout te doen, kan het een probleem worden. Deze gids legt uit hoe je faalangst bij je kind herkent, wat je als ouder kunt doen en hoe de behandeling werkt. We baseren ons op de informatie van Thuisarts.nl, gemaakt met de richtlijnen over angst bij kinderen, en op een Cochrane-review over cognitieve gedragstherapie.

Onderwerp
Psychologie
Bijgewerkt
Leestijd
7 min
Nagekeken door
Dr. Itziar Gotxi Erezuma · Medisch specialist keel-, neus- en oorheelkunde · Artsenorde van Bizkaia nr. 484809757
Moeder en dochter praten rustig met elkaar op de bank
Neem de angst van je kind serieus en laat weten dat je wilt helpen. Illustratie gemaakt met AI.

Wat is faalangst bij een kind?

Faalangst is angst om iets fout te doen. Veel kinderen hebben dit wel een beetje. Dat is normaal. Volgens Thuisarts helpt het kinderen zelfs: het zorgt ervoor dat ze hun best doen.

Kinderen kunnen ook faalangst hebben omdat ze heel bang zijn voor de reactie van anderen. Dat heet een sociale angststoornis.

Wanneer wordt faalangst een probleem?

Als je kind erg bang is om dingen fout te doen, kan dat een probleem worden:

  • je kind wordt heel gespannen als het iets nieuws gaat doen,
  • daardoor kan je kind niet meer goed nadenken, maakt het veel meer fouten of kan het helemaal niets meer,
  • misschien probeert je kind nieuwe dingen helemaal niet meer, omdat het te bang is dat het fout gaat.

De faalangst is dan een angststoornis.

Signalen van faalangst bij je kind

Als je kind faalangst heeft, kun je volgens Thuisarts dit merken:

  • je kind heeft weinig vertrouwen in zichzelf,
  • je kind heeft veel negatieve gedachten, zoals ‘Ik mag geen fouten maken’ of ‘Het gaat me nooit lukken’,
  • je kind twijfelt veel bij opdrachten op school en doet er lang over,
  • je kind wil niet naar school,
  • je kind slaapt misschien slecht,
  • je kind heeft vaak klachten zoals hoofdpijn of buikpijn,
  • je kind plast in bed of in de broek.

Hoe weet je of je kind een angststoornis heeft?

Vind je dat je kind erg angstig is? Maak een afspraak met de huisarts, de praktijkondersteuner of de jeugdarts. Die praat met je kind en met jou als ouder, en soms ook met school. Bij een jong kind kijken ze ook hoe het speelt en doet; een ouder kind kan een vragenlijst over angst invullen. De huisarts of jeugdarts kan je kind doorsturen naar een psycholoog, die dan het onderzoek doet.

Je kind heeft een angststoornis als dit uit het onderzoek komt:

  • de angst past niet bij de leeftijd van je kind,
  • de angst is heel heftig,
  • de angst duurt lang,
  • je kind doet bepaalde dingen niet door de angst,
  • de angst maakt het leven van je kind veel moeilijker en minder leuk.

Praten en aanmoedigen

Als je kind faalangst heeft, kun je het helpen door:

  • de angst van je kind serieus te nemen,
  • erover te praten en te laten weten dat je wilt helpen,
  • rustig te reageren op prestaties, zoals iets wat je kind gemaakt heeft of een toets: geef een compliment, maar overdrijf niet,
  • niet negatief te zijn als iets niet lukt; zeg bijvoorbeeld ‘Van fouten kun je leren’,
  • niet te veel en ook niet te weinig van je kind te verwachten,
  • te laten merken dat je vertrouwen hebt in je kind, en niet dat je bezorgd bent,
  • je kind veel dingen zelf te laten doen en zelf keuzes te laten maken,
  • je kind aan te moedigen om dingen te doen die het eng vindt, zonder het te dwingen.

Misschien wil je kind niet met jou over de angst praten. Laat je kind dan met iemand anders praten, of maak een afspraak met de huisarts.

Oefenen met spannende situaties

  • Bedenk samen met je kind wat het kan doen in spannende situaties, bijvoorbeeld erover praten of rustig ademen.
  • Doe positief gedrag voor: doe zelf ook dingen die je spannend vindt, en vraag om hulp als je die nodig hebt.
  • Ben je zelf bang in bepaalde situaties, blijf dan rustig en let op dat je rustig ademt. Lukt dat niet, zeg het dan eerlijk.
  • Vertel op school over de angst van je kind. Dan kunnen ze je kind daar ook helpen.
Moeder en zoon zitten op de vloer en oefenen samen rustig ademen met een hand op de borst
Rustig ademen is iets wat je kind kan doen in spannende situaties. Illustratie gemaakt met AI.

Een goede sfeer en gezond leven

Thuisarts noemt ook adviezen voor het gezin:

  • zorg voor een goede sfeer in huis, met aandacht voor elkaar,
  • zorg voor duidelijke regels en maak afspraken met elkaar,
  • doe leuke dingen met elkaar,
  • zorg dat je kind genoeg contact heeft met andere kinderen van dezelfde leeftijd,
  • zorg dat je kind gezond eet, genoeg ontspant en genoeg slaapt,
  • laat je kind fietsen, buiten spelen en sporten, en muziek maken, dansen of toneelspelen,
  • let erop dat je kind geen alcohol of drugs gebruikt.

Behandeling: cognitieve gedragstherapie

Helpen de adviezen niet genoeg? Dan kan de huisarts of jeugdarts je kind doorsturen naar een psycholoog. Eerst praat de psycholoog met je kind over de angst: wat lukt niet meer, en wat wil je kind bereiken? Je kind gaat oefenen met moeilijke situaties, in een groep met andere kinderen of alleen met de psycholoog. Bij de therapie:

  • krijgt je kind informatie over de angst en over de behandeling,
  • leert je kind de situaties herkennen waarin het bang wordt,
  • leert je kind wat het in die situaties kan doen, bijvoorbeeld een ontspanningsoefening of iets anders gaan doen,
  • leert je kind anders over die situaties te denken, door erover te praten en ermee te oefenen, ook thuis of op school.

Deze therapie heet cognitieve gedragstherapie. Als ouder krijg je ook informatie en denk je mee over oefeningen; je kunt je kind aanmoedigen en dapper gedrag belonen. Na de therapie komen jullie meestal nog een paar keer terug. Bij veel kinderen helpt therapie en wordt de angst minder. De angst kan wel terugkomen. Bespreek met de arts of psycholoog wat je dan kunt doen en zet dat samen in een plan.

In onze praktijk voor psychologie in Bilbao begeleiden we kinderen met angst en hun ouders (de consulten zijn in het Spaans).

Psycholoog in gesprek met een moeder en haar dochter
Bij cognitieve gedragstherapie krijgen ook ouders informatie en denken ze mee over oefeningen. Illustratie gemaakt met AI.

Waar de bronnen verschillen

Een Cochrane-review (James e.a., 2020) bundelde 87 studies met 5.964 kinderen en jongeren tot 19 jaar met een angststoornis. De bronnen leggen andere accenten:

  • Hoe goed werkt het? Thuisarts schrijft dat therapie bij veel kinderen helpt. In de review was na cognitieve gedragstherapie de belangrijkste angststoornis bij 49,4% van de kinderen verdwenen, tegen 17,8% op een wachtlijst of zonder behandeling (bewijs van matige kwaliteit).
  • Beter dan andere hulp? De review vond weinig tot geen bewijs dat cognitieve gedragstherapie beter werkt dan de gebruikelijke zorg of andere behandelingen, maar er waren te weinig goede studies om daar zeker van te zijn.
  • Groep of alleen? Thuisarts noemt beide mogelijkheden. De review vond geen duidelijke verschillen tussen manieren van behandelen, zoals individueel of in een groep. Het is volgens de onderzoekers nog weinig bekend hoe de resultaten het best verbeterd kunnen worden.

Het belangrijkste over faalangst bij kinderen

  • Een beetje faalangst is normaal en helpt kinderen hun best te doen.
  • Is je kind zo bang dat het niet meer goed kan nadenken of niets nieuws meer probeert, dan kan het een angststoornis zijn.
  • Signalen zijn onder meer weinig zelfvertrouwen, negatieve gedachten, niet naar school willen, hoofdpijn of buikpijn.
  • Neem de angst serieus, reageer rustig op prestaties en laat je kind veel zelf doen en kiezen.
  • Helpen de adviezen niet genoeg, dan kan een psycholoog cognitieve gedragstherapie geven.
  • Bij veel kinderen wordt de angst minder; maak een plan voor als de angst terugkomt.

Vragen over faalangst bij kinderen

De antwoorden zijn algemeen en vervangen geen consult of persoonlijke medische beoordeling.

Is faalangst bij een kind normaal?

Een beetje wel. Veel kinderen hebben het en het helpt ze hun best te doen. Het wordt een probleem als je kind zo bang is om iets fout te doen dat het niet meer goed kan nadenken of nieuwe dingen niet meer probeert.

Hoe merk je dat je kind faalangst heeft?

Bijvoorbeeld aan weinig zelfvertrouwen, negatieve gedachten als ‘Het gaat me nooit lukken’, veel twijfelen bij opdrachten, niet naar school willen, slecht slapen, hoofdpijn of buikpijn, of in bed of in de broek plassen.

Hoe reageer ik op een slecht cijfer?

Rustig. Ben niet negatief als iets niet lukt; zeg bijvoorbeeld ‘Van fouten kun je leren’. Ook bij een goed resultaat geef je een compliment, maar overdrijf je niet.

Moet ik de school inlichten?

Volgens Thuisarts wel: vertel op school over de angst van je kind, dan kunnen ze je kind daar ook helpen. Soms praat de huisarts of jeugdarts ook met school.

Wat leert mijn kind bij cognitieve gedragstherapie?

Je kind leert situaties herkennen waarin het bang wordt, wat het dan kan doen en hoe het er anders over kan denken, door erover te praten en ermee te oefenen.

Kan faalangst terugkomen?

Ja, de angst kan terugkomen. Maak samen met de arts of psycholoog een plan: hoe je merkt dat de angst terugkomt, wat jullie dan kunnen doen en wie je kunt bellen.

Bronnen

  1. Thuisarts.nl (NHG) · Mijn kind heeft faalangst
  2. James AC, et al. Cognitive behavioural therapy for anxiety disorders in children and adolescents. Cochrane Database Syst Rev. 2020

Deze gids is bedoeld als informatie en vervangt geen medische beoordeling. Diagnose en behandeling hangen af van je consult en je medische voorgeschiedenis. Bel bij een noodgeval 112.